nieuws

Zaterdag 13 juni – Orgelmesse

De organisten die door de Stichting Hinszorgel Leens worden gevraagd om een concert te willen geven op het Hinsz-orgel hebben hun programma geregeld een thema gegeven. Dit luistert gericht voor de liefhebber en kenner en geeft soms een verrassende inkijk in de orgelmuziekgeschiedenis. De organist, klavecinist, kerkmusicus en beiaardier Maurits Bunt – één van de beiaardiers van onze Groninger Martinitoren – betitelt zijn concert op 13 juni ‘Orgelmesse’. Dit heeft hij ‘afgekeken’ van Bach met diens Dritter Theil der Clavir Übung, wat anderen later Orgelmis zijn gaan noemen. ‘Omarmd’ door een preludium en fuga, gaat het om koraalbewerkingen die bij de opeenvolgende delen van de Lutherse mis horen. Vandaar de naam orgelmis. Het aardige wat Bunt heeft gedaan is dat hij van vrije en koraalgebonden werken van J. Praetorius, H. Praetorius, H. Scheidemann, S. Scheidt en D. Strungk zo’n orgelmis heeft samengesteld. Beziet men de namen dan zijn daar verscheidene leerlingen van onze J.P. Sweelinck bij en dat is ook niet (orgel)mis …   


Koop of reserveer uw toegangsbewijs in onze webwinkel.                

 


Zaterdag 6 juni- Lübeck in Leens

Concert gemist? Geen probleem, ga naar onze webwinkel en koop daar uw digitale toegangsbewijs om het concert t/m komende vrijdag te bekijken via onze website.

Het concert dat IJsbrand ter Haar op 6 juni gaat geven op het Hinsz-orgel (1733) in de Petruskerk van Leens heeft van hem de titel ‘Lübeck’ gekregen. Het waarom laat zich gauw raden als men het programma bekijkt, want daar staat werk op van Franz Tunder en Dieterich Buxtehude. Tunder en later schoonzoon Buxtehude waren jarenlang organist van de Marienkirche van Lübeck. Ook de latere Hugo Distler was organist in Lübeck, van de Jakobikirche. Ter Haar studeerde orgel in Arnhem en Zwolle en sloot zijn voortgezette studie met onderscheiding af. Op zijn concert in Leens speelt Ter Haar van Buxtehude het Preludium in F en van Tunder de koraalbewerking Jesus Christus unser Heiland. Van Distler klinken de variaties op een wereldlijk lied: Frisch auf, gut Gsell, lasz rummer gahn, wat op het koororgel wordt gespeeld. Van Johan Adam Reincken klinkt een suite op het kabinetorgel. Het verdere programma wordt gespeeld op het Hinsz-orgel. Van Joh. Brahms klinkt een koraalbewerking en van Carsten Borkowski (1965) zijn Fünf 12tönige Inventionen over het koraal Nun Danket alle Gott. Van ene Heinrich Stiehl horen we diens Melodie. Wat deze laatste vier musici met Lübeck hebben, zal ons ongetwijfeld aan het begin van het concert worden verteld. Om Buxtehude te horen, liep Bach van zijn toenmalige woonplaats helemaal naar Lübeck, waar hij naar het oordeel van zijn kerkbestuurders veel te lang bleef. Ter Haar besluit zijn concert dan ook met Bach:  het imposante Preludium en fuga g-moll (BWV 542).